Handreiking Procesbegeleiders: Accommodaties voor bewegingsonderwijs

Dit is de handreiking voor procesbegeleiders om aan de slag te gaan met het realiseren van het amendement van Heerma: het doel is dat alle kinderen op de basisschool per 1-08-2023 minimaal 2 lessen van in totaal 90 minuten bewegingsonderwijs ontvangen van een bevoegde leerkracht.

Deze handreiking behandelt de accommodatieproblematiek:

We schetsen eerst het wettelijk kader, vervolgens een gezamenlijke aanpak en daarna zoomen we in op de knelpunten. Per knelpunt wordt aangegeven wat de procesbegeleider kan doen en worden een aantal tips gedeeld.

De procesbegeleider is via de impuls en innovatie bewegingsonderwijs gefaciliteerd en aangesteld door het schoolbestuur/de schoolbesturen die de subsidie hebben aangevraagd. De procesbegeleider heeft tijd om met schoolbesturen, directeuren en de gemeente naar oplossingen te zoeken.

Wettelijk kader

Schoolbesturen en gemeente zijn samen verantwoordelijk voor voldoende kwalitatief bewegingsonderwijs. Ieder heeft een eigen rol en onderlinge afstemming is essentieel.

Het schoolbestuur is verantwoordelijk voor de invulling van de lessen bewegingsonderwijs: voor de inhoud, de kwaliteit en het (bevoegde) personeel.

De gemeente ontvangt middelen van de Rijksoverheid en is verantwoordelijk voor voldoende en adequate onderwijshuisvesting: de accommodaties voor bewegingsonderwijs zijn hier onderdeel van. WPO (wet primair onderwijs) artikel 126. (Hoofdstuk 1, Titel IV, Afdeling 6)

De gemeente kan dit realiseren door:

  1. de benodigde, adequaat ingerichte accommodaties voor bewegingsonderwijs beschikbaar te stellen
  2. de huur van andere accommodaties te vergoeden aan de schoolbesturen

De regels en afspraken om voldoende accommodaties te realiseren zijn vastgelegd in de Lokale Verordening Onderwijshuisvesting (OHV). Als basis wordt vaak de Modelverordening Onderwijshuisvesting van de VNG gebruikt: in de Modelverordening zijn de minimale wettelijke kaders vastgelegd. Als de gemeente een eigen Verordening OHV heeft is deze leidend.

In het Integraal Huisvestingsplan (IHP) legt de gemeente vast wanneer, welke onderwijsaccommodaties nieuw gebouwd of vervangen worden. Het advies is om in het IHP ook de schoolpleinen op te nemen, met aandacht voor oppervlakte, inrichtingsbudget en de wijze van bepalen hoe dit in te richten (de beweegvriendelijke omgevingsscan (BVO scan) van het Kenniscentrum Sport en Bewegen kan hiervoor ingezet worden). Het IHP komt tot stand in afstemming met de schoolbesturen: de gemeente besluit en monitort.

Nog niet iedere gemeente heeft een IHP, een wettelijke plicht om in 2024 wél een IHP op te stellen met een korte termijn planning (4 jaar) en een lange termijn doorkijk (12 jaar) is in de maak.

In het recent opgestelde kwaliteitskader huisvesting op pagina 12 wordt vanuit een breder perspectief naar accommodaties voor bewegingsonderwijs gekeken: deze zijn bijna nergens meer uitsluitend voor onderwijs bestemd. Vanuit de multifunctionaliteit zal de bekostiging en het onderhoud dan ook door meerdere partijen dan alleen onderwijs en gemeente/afdeling onderwijs gedragen moeten worden. De gemeente blijft, vanuit de zorgplicht, wel de verantwoordelijke partij om te voorzien in voldoende accommodaties bewegingsonderwijs.wettelijk kader

Gezamenlijke aanpak

Ondanks deze wettelijke verantwoordelijkheid blijkt het bewegingsonderwijs niet in iedere gemeente ingevuld te worden conform de wettelijke norm.

Het tekort aan accommodaties voor bewegingsonderwijs en het toewijzen van onvoldoende uren spelen hierbij een belangrijke rol. Vooral een tekort aan gymzalen is niet eenvoudig op te lossen: voor gemeenten is er veel geld mee gemoeid, waar de gemeenteraad over beslist, voor schoolbesturen staat deze problematiek meestal niet bovenaan de onderwijsagenda en het komen tot nieuwe accommodaties is een lang traject.

Het doel van de aanpak is om:

  1. op lange termijn/structureel tot voldoende accommodaties bewegingsonderwijs te komen.
  2. op korte termijn/incidenteel tot tijdelijke oplossingen te komen.

Hoe?

Vanuit de gezamenlijke verantwoordelijkheid is de integrale samenwerking van schoolbesturen en gemeente noodzakelijk: Oplossingen voor knelpunten van accommodaties zullen gezamenlijk afgestemd moeten worden, zowel met schoolbesturen onderling als met de gemeente.

Rol van de procesbegeleider:

  1. Breng goed in kaart wat het probleem is.
  2. Zorg dat je namens/in opdracht van/gemandateerd door de schoolbesturen de geïnventariseerde knelpunten met de gemeente bespreekt.
  3. Neem hierin mee wat het schoolbestuur/de schoolbesturen al gedaan hebben om het probleem op te lossen.
  4. Bevraag de gemeente op wat zij al gedaan hebben om het probleem op te lossen.
  5. Inventariseer welke mogelijkheden er zijn om tot oplossingen te komen voor de korte termijn.

Knelpunten Accommodaties voor bewegingsonderwijs

Een groot aantal scholen ondervindt bij het realiseren van de wettelijke eis van 2 lessen bewegingsonderwijs problematiek die in meer of mindere mate met accommodatie te maken heeft:

  1. Gebrek aan zaalruimte in de omgeving
  2. Verlies van onderwijstijd door afstand tot de accommodatie
  3. Onvoldoende toewijzing van uren zaalruimte

1. Gebrek aan zaalruimte in de omgeving

Gebrek aan zaalruimte in de omgeving (binnen én buiten een straal van 1 km) is voor de procesbegeleider niet direct op te lossen. De procesbegeleider kan wél samen met gemeente, schoolbestuur en school een gesprek starten over het probleem en mogelijke oplossingen op de korte en de lange termijn.

Wat kan de procesbegeleider doen bij gebrek aan zaalruimte op de korte termijn?

  • Als er buiten een straal van 1 km wel zaalruimte is kan wellicht vervoer geregeld worden.
  • Als er in de omgeving VO of privé accommodaties (geschikt voor bewegingsonderwijs) zijn kan onderzocht worden of er ruimte beschikbaar is.
  • Onderzoeken of een combinatie van binnen en buiten mogelijk is, waarbij het onderwijsprogramma wel volledig uitgevoerd kan worden:
  • Via de beweegvriendelijke omgevingsscan (BVO scan) van het Kenniscentrum Sport en Bewegen kan inzichtelijk gemaakt worden:
    • Welke mogelijkheden er in de omgeving/buurt zijn én
    • Welke mogelijkheden er op het schoolplein zijn
  • Vaststellen van de kaders die nodig zijn om voor buiten bewegingsonderwijs goede kwaliteit te kunnen bieden: zoals ruimte, ligging, benodigde materialen, leerlijnenanalyse etc.
  • Deze kaders zijn te vinden in de leerlijnenanalyse en checklist

Wat kan de procesbegeleider doen bij gebrek aan zaalruimte op de langere termijn?

Het uitbreiden van (bestaande) accommodaties is een structurele oplossing voor de langere termijn. De procesbegeleider kan:

  • Het schoolbestuur en de gemeente adviseren de behoefte aan accommodaties voor bewegingsonderwijs, met een lange termijn blik, op te nemen in het IHP, zodat in de meerjarenplanning ook de meerjarenbegroting vastgesteld kan worden.
  • Adviseren dat er in het IHP een duidelijke paragraaf komt waarin het beleid rond gymaccommodaties voor de lange én de korte termijn duidelijk staat aangegeven
  • Adviseren het IHP regelmatig te evalueren: een goed moment is als het IHP ge-update wordt.
  • Gemeente en schoolbesturen adviseren op welke wijze gymaccommodatie in MFA’s (Multi Functionele Accommodaties) gerealiseerd kunnen worden. Ga naar adviezen voor nieuwbouw bewegingsonderwijs

2. Verlies van onderwijstijd door afstand tot de accommodatie

De school zal, ondanks het verlies aan onderwijstijd, in haar beleid 2 lessen bewegingsonderwijs op moeten nemen, ongeacht de afstand tot de accommodatie.

Voor de langere termijn kan het afstandsprobleem geagendeerd worden bij de gemeente.

Wat kan de procesbegeleider doen bij een grote afstand tot de accommodatie?

  • Samen met de gemeente in kaart brengen of in de omgeving VO of privé accommodaties (geschikt voor bewegingsonderwijs) zijn en onderzoeken of er ruimte beschikbaar is en of/hoe dit te regelen is.
  • De groepsleerkrachten ondersteunen bij het effectief inzetten van de verplaatsingstijd voor leeropdrachten.
  • Slim roosteren:
    • aan het begin of eind van de dag
    • bij inzet van een vakleerkracht bekijken of hij/zij voor meerdere scholen in dezelfde gymzaal ingezet kan worden
  • Advies uitbrengen over (on)mogelijkheden in de omgeving van de school en op het schoolplein en de daarvoor noodzakelijke aanpassingen.
  • Gebruik de beweegvriendelijke omgevingsscan (BVO scan) van het Kenniscentrum Sport en Bewegen, die geeft inzicht in:
    • welke mogelijkheden er in de omgeving/buurt zijn én
    • welke mogelijkheden er op het schoolplein zijn
  • Zie: Leerlijnenanalyse en Checklist

Wat kan de school doen bij een grote afstand tot de accommodatie?

  • De school kan in haar beleid opnemen de reistijd tot de accommodatie effectief in te zetten door leeropdrachten tijdens de reistijd.
  • Het schoolplein geschikter maken voor het beperkte deel van het bewegingsonderwijs dat op het schoolplein mogelijk is:

Wat kan de gemeente doen bij een grote afstand tot de accommodatie?

  • Verzorgen van busvervoer voor de leerlingen.
  • Meer zaalruimte dichtbij inhuren bij een derde partij, bijvoorbeeld een VO-school of een privéaccommodatie.
  • Tijdelijke gymzaal plaatsen ter overbrugging naar nieuwbouw
  • Gewenste speelvoorziening/sportveld eerder aanleggen en overkappen met een opblaashal*, waarbij voldaan wordt aan de Leerlijnanalyse en checklist
  • Dit kan opwegen tegen de kosten voor leerlingenvervoer
  • Er blijft na gereedkomen nieuwbouw een openbaar speelterrein over
  • Voorbeelduitwerking Lelystad verschillende scenario's
    • Scenario 1: vervoer
    • Scenario 2: noodgymzaal
    • Scenario 3: speelvoorziening/sportveld met opblaashal
  • Nieuwbouw dichter bij de school: opnemen in het IHP (meerjarenplanning en begroting)
  • Dit past bij de invulling van een rijke schooldag/dynamische schooldag
  • De accommodatie voor bewegingsonderwijs kan vanuit een breder perspectief gebouwd worden: combinatie van sport-onderwijs-kinderopvang-vve-maatschappelijke functie: hierdoor is het mogelijk meerdere budgetten in te zetten.

*Houd bij een opblaashal rekening met de werkplekvoorziening voor de leerkracht (o.a. akoestiek en sanitair)

3. Onvoldoende toewijzing zaalruimte bewegingsonderwijs

De wet op primair onderwijs WPO (wet primair onderwijs) artikel 126. geeft aan dat de gemeente verplicht is om accommodatie te verzorgen voor minimaal twee maal 45 minuten bewegingsonderwijs (PO-scholen). De regels en afspraken om dit te realiseren zijn vastgelegd in de lokale Verordening Onderwijshuisvesting (VOH).

Uit de inventarisatie van knelpunten, om de wettelijk verplichte twee lessen te laten verzorgen, blijkt dat het niet passend toewijzen van gymtijden aan scholen regelmatig voorkomt. Het knelpunt ontstaat als de school minder lesuren toebedeeld krijgt dan noodzakelijk is om voor alle geformeerde groepen 3 t/m 8 twee maal 45 minuten bewegingsonderwijs te kunnen verzorgen. Het gebeurt ook dat scholen niet gefaciliteerd worden om de lessen klaar te zetten (45 minuten voor aanvang van de les) en af te breken (30 minuten na afloop van de laatste les).

In het kader van de vereenvoudiging van de bekostiging zijn recent allerlei VOH-regels losgelaten: de bedoeling is dat de gemeente eigen beleid formuleert en waar gaat maken. Schoolbesturen en gemeenten worden geacht hier samen afspraken over maken.

Hier liggen kansen als een open en redelijk gesprek gevoerd kan worden over werkelijke behoeften op basis van de formatie in het nieuwe schooljaar.

Wat kan de procesbegeleider doen bij problemen bij toewijzing van accommodatie?
De procesbegeleider kan de benodigde informatie om tot passende roostering te komen ophalen:

  • De lijst relevante basisvragen uitzetten bij de scholen om tot een goede inventarisatie te komen van de behoefte aan accommodatie.
  • Maak duidelijk wat de (voorbeeld) uitgangspunten zijn voor alle gebruikers voor inroostering.
  • Door goed rekening te houden met het tijdspad kan de procesbegeleider tijdig problemen rondom toewijzing bespreekbaar maken.

Op basis van informatie over de knelpunten het gesprek aangaan met het schoolbestuur en de gemeente met het doel om tot kwantitatief passend bewegingsonderwijs te komen.

  • Als oplossing aandragen de lesuren bewegingsonderwijs toe te wijzen en te bekostigen op basis van de werkelijke groepsformatie voor het nieuwe schooljaar.
  • Schoolbesturen zullen hierbij in alle redelijkheid moeten kijken naar mogelijkheden: een grotere vraag naar uren bewegingsonderwijs door een inhoudelijke keuze voor kleinere groepen kan niet in het extreme gehonoreerd worden.
  • Het aanhouden van een gemiddelde groepsgrootte van 25 leerlingen is reëel.
  • De procesbegeleider kan een (beter) passende zaalroostering maken voor zalen met knelpunten (zie voorbeelden)
  • De procesbegeleider kan de noodzaak van extra tijd voor het klaarzetten en opruimen van de gymles toelichten: dit kan geen onderdeel zijn van de lestijd van 45 minuten.

Wat kunnen de gemeente en schoolbesturen doen bij problemen bij toewijzing van accommodatie?

Bij het opstellen van de nieuwe VOH en het IHP kunnen de gemeente en de schoolbesturen met elkaar de adviezen van de procesbegeleider bespreken en op passende wijze opnemen:

  • Waarbij het toewijzen van uren bewegingsonderwijs op basis van de werkelijke formatie van het nieuwe schooljaar als uitgangspunt gehanteerd kan worden.
  • Waarbij rekening wordt gehouden met extra tijd voor klaarzetten en opruimen van de gymles.
  • De werkwijze om informatie bij onderwijs op te halen kan als een protocol in de VOH vastgelegd worden en jaarlijks gebruikt worden voor de inventarisatie. (Voorbeeld: Protocol Gebruik lokalen bewegingsonderwijs inroostering gebruik)

Het zou wenselijk zijn de rol die de procesbegeleider vervult vanuit de subsidieregeling structureel te maken. Een gezamenlijk aangestelde functionaris* die als schakel tussen onderwijs** en gemeente inzichtelijk heeft wat de behoeften van onderwijs én de mogelijkheden van de accommodaties zijn is zinvol:

  • De gemeente houdt nauw contact met de scholen over toewijzing van accommodatie.
  • De scholen hebben een makkelijke toegang tot de gemeente
  • Door inzet van deze rol kan er efficiënt geroosterd (zie voorbeeld) worden: een win-win voor zowel gemeente als onderwijs.

Ter informatie een link naar een voorbeeld van de “oude” beleidsregel die gehanteerd werd, en wellicht nog wordt omdat de nieuwe VOH nog niet vastgesteld is.  Hierin zijn de vaak toegepaste toewijzingscriteria en splitsingstabel opgenomen.

*Bijvoorbeeld een coördinator bewegingsonderwijs, procesbegeleider of andere relevante functionaris.
**Zorg voor samenwerking tussen meerdere besturen, er kan dan als onderwijsveld als 1 gesproken worden met de gemeente.

Webinars huisvesting

Huisvesting deel 1: Tekort binnen bestaande accommodaties - 4 oktober 2022

Informatie over de wettelijke regelingen, de verantwoordelijkheden en rollen van gemeente, schoolbestuur, directie en de rol van een Projectbegeleider in dit veld.

Enkele voorbeelden geven je inzicht in de (complexe) problematiek en oplossingsrichtingen.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Huisvesting deel II: Komen tot nieuwbouw en kwaliteitsslag huidige accommodaties - 11 oktober 2022

Aan bod komen de overwegingen, aandachtspunten en kansen die er zijn als duidelijk is dat er nieuw gebouwd gaat worden.

Tevens wordt de aanpassing van bestaande gymzalen besproken.